Op 11 juni 1977 maakten mariniers en de luchtmacht met geweld een einde aan de treinkaping die toen al drie weken duurde. Bij die bevrijdingsactie, op last van de Staat, kwamen twee gegijzelde passagiers en zes kapers om het leven. Nabestaanden van twee van de gijzelnemers houden de Staat aansprakelijk voor hun dood.

Executie of niet?

Volgens de familie van de kapers Max Papilaja en Hansina Uktolseja werden de twee van dichtbij geëxecuteerd. Hun advocaat Liesbeth Zegveld zegt dat de mariniers in het geheim opdracht hadden gekregen om alle kapers te doden. De Staat heeft altijd ontkend dat er sprake was van executies en onrechtmatig toegepast geweld.

De advocaten eisten daarom dat ze de opnamen mogen beluisteren op een neutrale plaats. Dat verzoek is nu ingewilligd op voorwaarde dat advocaten en deskundigen zich houden aan een geheimhoudingsplicht.

Het gaat om een zogenoemde tussenbeslissing van het gerechtshof Den Haag. De procedure wordt in maart 2020 voortgezet.